hoe krijg je goede zorg?

Woon je thuis, maar heb je zorg of ondersteuning nodig die je niet zelf in de eigen omgeving kunt regelen? Dan kun je terecht bij een hulpverlener in de wijk. De hulpverlener kijkt samen met je naar wat je nodig hebt en helpt je om het te organiseren. Dat gaat meestal in de vorm van een keukentafelgesprek (of indicatiegesprek), waarover we hieronder nog een advies geven.

In de eerst plaats moet je nagaan aan wat voor zorg of ondersteuning je behoefte denkt te hebben. Dat maakt het voor de hulpverlener makkelijker om het ‘juiste loket’ te vinden. Je kunt daarbij denken aan:  meedoen aan activiteiten, naar een afspraak gaan,  boodschappen doen, wassen en aankleden, je administratie, wondverzorging of medicijnen innemen.

Bij welke hulpverlener kun je dan terecht? Als je al hulp ontvangt, dan is het verstandig om contact op te nemen met je eigen hulpverlener, maatschappelijk werker, wijkverpleegkundige, (woon)begeleider of huisarts.

Als je nog geen hulp ontvangt, dan kun je met je vragen terecht bij het Sociaal Loket. Het dichtstbijzijnde Sociaal Loket voor ons stadsdorp bevindt zich in het zogenaamde “Stadsloket”:  Amstel 1, ingang Amstelzijde, maandag t/m vrijdag 08.00-20:00 uur, op afspraak en ook voor vrije inloop. Je kunt ook bellen: 020 25 52 916 (of via het gemeentelijke informatienummer 14 020).

Je kunt daar terecht als je

  • niet weet waar u hulp, advies of informatie kunt krijgen
  • gezondheidsklachten of een beperking hebt
  • voor een ziek familielid zorgt
  • persoonlijke of financiële problemen hebt

De medewerkers van het Sociaal Loket geven je informatie over en verwijzingen voor bijvoorbeeld:

  • hulp bij het huishouden
  • aanpassingen in de woning
  • vrijwilligerswerk, een cursus of andere dagbesteding
  • het aanvragen van speciaal vervoer of een scootmobiel
  • organisaties die u verder kunnen helpen

 

Hoe voer je een goed keukentafelgesprek?

Het voeren van een indicatiegesprek voor de wijkzorg – ook wel keukentafelgesprek genoemd – is niet eenvoudig. Zeker niet als je zorg of ondersteuning nodig hebt. In veel gevallen weten zorgvragers niet goed hoe ze dat moeten aanpakken. Het komt ook voor dat familie, vrienden of kennissen de wijkzorg hebben ingeschakeld omdat ze zich zorgen maken over uw gezondheid. Dat is heel mooi, maar dat maakt het stellen van een zorgvraag niet zo simpel. Daar kunt u misschien wel hulp bij gebruiken. In veel gevallen is er wel iemand in de buurt die u daarbij wil helpen. De gezamenlijke stadsdorpen hebben een handleiding opgesteld. Door te klikken op de volgende knop komt deze handleiding in beeld:hoe bereid ik me voor op een intakegesprek voor wijkzorg?

Maar het stadsdorp kan – als u dat op prijs stelt –  u ook bij het indicatiegesprek assisteren. In dat geval kunt u als buurtgenoot bellen met 020 737 0092. U kunt dan uw naam en telefoonnummer inspreken en uw vraag stellen. Uw bericht wordt onmiddellijk doorgestuurd naar de groep actieve buurtgenoten die zich inzetten voor burenhulp. Zij zullen dan contact met u opnemen en de ondersteuning voor het gesprek in overleg met u regelen.

Hoe zit het met het recht op hulp bij het huishouden?

Het ‘recht’ op hulp bij het huishouden zoals dat voor 2015 bestond, is vervangen door een aanspraak op hulp wanneer dat echt nodig is. De regering heeft bij de invoering van het nieuwe zorgstelsel fors bezuinigd op de hulp bij het huishouden. Dat was tot op zekere hoogte ook wel terecht, omdat die hulp voor 2015 ook werd verleend in situaties waar dat niet echt nodig was. De bezuiniging maakt het echter wel noodzakelijk dat de gemeente zorgvuldig afweegt of uw verzoek om hulp bij het huishouden gerechtvaardigd is. Zorgvuldig wil zeggen: na een goede analyse van uw omstandigheden. Op de website van de Gemeente Amsterdam wordt uiteengezet hoe dat is geregeld. Door te klikken op uitgelichte tekst komt u op de pagina terecht waarin alle voorwaarden zijn beschreven. Daarbij wordt ook uitgelegd welke hulp normaal gesproken verwacht wordt van medebewoners.

In het geval van spoed kunt u het beste direct contact opnemen met de wijkzorg. Voor onze buurt kunt u dan bellen met Centram op telefoonnummer 020-557 333.

Er bestaat overigens enige onduidelijkheid over de manier waarop in Amsterdam Hulp bij het Huihouden wordt toegekend. Bij de toekenning van die hulp geeft de gemeente niet aan hoeveel uren hulp per week u zou krijgen. De thuiszorgorganisaties moeten dat zelf maar bepalen: bij de ene cliënt wat minder, bij de andere iets meer. Eind 2018 vond de rechter dat niet goed. De gemeente kreeg de opdracht om bij de toekenning ook het aantal uren vast te stellen. Het is nog niet echt duidelijk wat er nu gaat gebeuren. Voor de zorggebruiker is het echter van belang dat bijvoorbeeld het huis schoon wordt en de was gedaan wordt. Maar als u het gevoel krijgt dat de thuiszorgmedewerker te weinig tijd krijgt om uw huis op orde te krijgen kunt u het beste eerst contact opnemen met de wijkzorg. Mocht u er dan toch niet uitkomen, dan kunt u ook contact zoeken met Cliënten Belang Amsterdam op telefoonnummer (020) 57 77 999 of per mail  steunpunt@clientenbelangamsterdam.nl.

 

Eigen bijdrage bij het gebruik van ondersteuning door de gemeente of van een woonvoorziening (bijvoorbeeld traplift)

Er bestonden nogal wat onduidelijkheden over de aard en omvang van de eigen bijdrage van hulpvragers. Gelukkig is dat in 2019 sterk vereenvoudigd. De eigen bijdrage die u moet betalen is maximaal € 13 per vier weken. Daarbij maakt het niet uit van hoeveel zorg en ondersteuning gebruik wordt gemaakt. De hoogte van de eigen bijdrage is afhankelijk van leeftijd en samenstelling van het huishouden. Voor de meeste zorg en ondersteuning bepaalt het CAK (Centraal Administratie Kantoor) hoe hoog de eigen bijdrage is. Het CAK stuurt de cliënt elke vier weken een factuur. De eigen bijdrage is nooit meer dan wat de gemeente betaalt voor de zorg en ondersteuning.

Dat laatste betekent ook dat bij relatief dure woonvoorzieningen zoals een traplift, u net zo lang de eigen bijdrage betaalt totdat de kosten van die woonvoorziening ‘terugbetaald’ zijn. Bij een traplift kom je dan al snel uit op perioden van tien jaar of meer. Als u niet meer gebruik maakt van de voorziening (bijvoorbeeld door verhuizing of overlijden) dan moet dat gemeld worden aan de gemeente; de eigen bijdrage is daarna niet meer verplicht.

Op de website van de gemeente (zie uitgelichte tekst) staat meer informatie